Stap één: teken de hoek uit op de vloer
Plak met schilderstape een vierkant van 180 bij 180 cm af op de plek waar je de tweede zithoek wilt. Dat is ongeveer 3,2 vierkante meter en het is de ondergrens waarbinnen een stoel, een lamp, een tafeltje en je benen passen zonder dat het klemt.
Die 180 cm is geen willekeurig getal. Een diepe fauteuil neemt al 90 tot 100 cm in beslag, daar komt 40 tot 50 cm bij voor je benen of een voetenbank, en aan de zijkant nog eens 40 cm voor een lamp en een tafeltje.
Loop er daarna een week langs. Zit de tape in de route naar de keuken of de tuindeur, dan valt de plek af. Naast dat vierkant wil je nog 60 tot 90 cm vrije doorloop houden.
Waar zo'n hoek meestal landt
De drie plekken die in de praktijk werken: een echte kamerhoek, de strook naast een raam, en de ruimte achter een bank die vrij in de kamer staat.
Bij een raam zet je de stoel het liefst met de zijkant naar het glas, zodat het daglicht van opzij op je boek valt in plaats van in je ogen of pal achter je rug. Let daar wel op de radiator: zit die onder het raam, houd dan 15 tot 20 cm vrij, anders droogt de stoffering aan één kant sneller uit en voelt de zitting warm aan.
Wat zelden werkt is de plek tegenover de televisie, want dan wordt het een tweede bankplaats en geen aparte hoek. Hoe je zones in een open woonruimte van elkaar scheidt staat in het stuk over zones in een open woonruimte; dit artikel gaat een stap kleiner, over de inrichting binnen zo'n zone.
De stoel bepaalt alle andere maten
Kies de stoel eerst en meet dan pas de rest, want de zithoogte en de armleuninghoogte leggen de rest vast.
Een diepe leesstoel als de lounge stoel Tuscany van 63 cm breed en 100 cm diep heeft een zithoogte van 45 cm, een zitdiepte van 65 cm en armleuningen op 62 cm. Die 65 cm zitdiepte is waarom je er met opgetrokken benen in kunt zitten. Heb je minder ruimte, dan is een compacte ronde variant als de fauteuil in bouclé van 91 bij 82 bij 72 cm een betere maat, met een omsluitende rug die de hoek meteen afbakent.
Een eigen lichtpunt, los van de kamerverlichting
Een leeshoek zonder eigen lamp wordt geen leeshoek. Het plafondlicht van de woonkamer staat te ver weg en valt op de verkeerde plek.
Zet de lichtbron achter en naast je schouder, ongeveer 20 tot 30 cm buiten de stoel, met de onderkant van de kap net boven ooghoogte in zittende houding. Een vloerlamp van 139 cm hoog met een basis van 19,5 cm haalt dat en neemt op de vloer nauwelijks plek in. Hoeveel licht je precies nodig hebt om te lezen staat in leeslicht: hoeveel en waar, en andere hoogtes vind je bij vloerlampen.
Het tafeltje hoort op armleuninghoogte
Een bijzettafel bij een leesstoel heeft een andere hoogte dan een salontafel. Je wilt een kop koffie kunnen neerzetten zonder je om te draaien of te bukken.
Mik op een blad dat gelijk ligt met de armleuning of hooguit een paar centimeter erboven. Bij armleuningen op 62 cm past een bijzettafel van 50 bij 33 cm met een blad op 63 cm precies. Zet hem 15 tot 20 cm van de stoel af, aan de kant van je sterkste hand.
De voetenbank die je pas later mist
Een leeshoek zonder plek voor je voeten wordt een stoel waar je twintig minuten zit. Met een voetensteun blijf je er een uur.
Reken op een poef die 3 tot 8 cm lager is dan de zitting. Bij een zithoogte van 45 cm klopt een ronde poef van 70 cm doorsnede en 42 cm hoog dus goed. Zo'n poef doet meteen dubbel werk als laag tafeltje voor een stapel boeken, en als er visite is schuif je hem naar de hoofdzithoek. De afweging tussen de twee soorten staat in poef of voetenbank.

Drie dingen die de hoek afmaken
Met stoel, lamp en tafel staat het skelet er. Drie elementen maken er een plek van waar iemand daadwerkelijk gaat zitten.
Een klein vloerkleed onder de voorpoten trekt de losse meubels tot één geheel; 120 bij 170 cm is genoeg voor een stoel met poef, en het kleed mag rustig een andere kleur hebben dan het grote kleed in de hoofdzithoek, zolang het formaat maar duidelijk kleiner is.
Textiel op de stoel geeft de eerste reden om te blijven zitten: één kussen van 45 of 50 cm en een plaid over de leuning, niet meer. Een leesstoel met vier kussens is een stoel die je eerst moet leegruimen.
Het derde element hangt aan de wand. Iets op ooghoogte erachter, met het hart op 145 tot 150 cm, maakt duidelijk dat de hoek bedoeld is en niet overgebleven. Eén lijst van 50 bij 70 cm doet dat al; een hele galerijwand trekt de aandacht juist weg van de stoel.
Hoe hij zich verhoudt tot de hoofdzithoek
Zet de tweede stoel nooit exact parallel aan de bank. Een hoek van 30 tot 45 graden ten opzichte van de hoofdopstelling houdt gesprek mogelijk en houdt de plek toch zelfstandig.
Laat verder minstens 120 cm tussen de rug van de bank en de tweede hoek. Zit je daaronder, dan leest het als één grote zithoek met een losse stoel erbij; wat er dan wel gebeurt, beschrijft het artikel over waar je een fauteuil neerzet.
In een kleine kamer: de uitgeklede versie
Onder de 20 vierkante meter is die 180 bij 180 cm er zelden. Er blijft dan een werkbare variant over van ongeveer 110 bij 140 cm.
Kies daarvoor een stoel zonder armleuningen of met smalle armen, laat het vloerkleed weg, en vervang de vloerlamp door een wandlamp op 130 tot 150 cm hoogte zodat de vloer vrij blijft. Het tafeltje kan een poef van 42 cm zijn met een dienblad erop. Meer over indelen bij weinig meters staat in een kleine woonkamer inrichten.
Bekijk alle fauteuils en loungestoelen
Bekijk de collectie


