De vijf materialen naast elkaar
| Materiaal | Gewicht | Krasgevoelig | Vocht en vlekken | Uitstraling |
|---|---|---|---|---|
| Hout | licht | ja, zichtbaar | ringen van natte glazen | warm, rustig |
| Marmer | zwaar | nauwelijks | poreus, gevoelig voor zuur | koel, luxe |
| Metaal | middel | deukjes eerder dan krassen | vingerafdrukken, aanslag | grafisch, glanzend |
| Resin | licht | matig | goed bestand, verkleurt in zon | speels, marmerlook |
| Gelakt | licht | ja, fijne krasjes | veegt makkelijk schoon | strak, hoogglans |
Die vijf regels verklaren het meeste van wat er in de praktijk misgaat. Een marmeren blad is de mooiste keuze op een glazen salontafel en tegelijk het blad dat je nooit meer verplaatst. Een gelakt blad is licht en veegt schoon, maar laat elke vingerafdruk zien. Hout is het veiligst en tegelijk het gevoeligst voor water.
De maten verschillen ook systematisch. Marmeren bladen blijven meestal compact, zoals het ovale marmeren dienblad van 40 bij 25 bij 3 cm, simpelweg omdat een groter formaat onhandelbaar wordt. Houten en gelakte bladen gaan juist tot ver boven de 60 cm, want daar zit het gewicht niet in de weg.
Welke maat bij welke tafel hoort en wat er dan op zo'n blad komt te staan, is een aparte vraag. Die staat uitgewerkt in dienblad of schaal, en welke maat bij welke tafel. Dit stuk gaat alleen over waar het blad van gemaakt is.
Gewicht bepaalt of je het blad ooit nog optilt
Marmer weegt ongeveer 2,7 kilo per liter. Een ovaal blad van 40 bij 25 cm met een dikte van 3 cm komt daarmee op ruim zes kilo, en dat is een gewicht dat je met twee handen tilt en niet even met één hand opzij zet.
Dat is geen bezwaar zolang je het weet. Een marmeren blad is een blad dat blijft liggen: je legt het neer op de salontafel en het staat daar het hele jaar. Wil je juist het blad kunnen weghalen als de tafel nodig is voor iets anders, dan zit je met steen verkeerd.
Aan de andere kant van de schaal staan resin en gelakt hout. Het dienblad Cindy van resin, 20 bij 20 bij 1 cm met handvat weegt zo weinig dat een kind het draagt, en dat maakt het geschikt voor plekken waar dingen bewegen: een bijzettafel, de hal, het nachtkastje.
Metaal zit ertussenin. Een ijzeren blad van 40 cm zoals het dienblad Marlow in brass antique met een rand van 5 cm is licht genoeg om te dragen en zwaar genoeg om niet mee te schuiven als je er een glas op zet. Die opstaande rand van 5 cm is meteen het tweede argument: metaal is het enige materiaal in dit rijtje waarbij een hoge rand niet lomp wordt, omdat de wand dun blijft.
Vocht, warmte en krassen per materiaal
Marmer is kalksteen en dus poreus. Zuur is de vijand: citroen, wijn, azijn en sommige schoonmaakmiddelen laten een doffe plek achter die niet wegpoetst, ook niet als de vlek zelf verdwijnt. Een glas water is prima, een omgevallen glas rode wijn niet. Hoe je die steen bijhoudt staat in marmer en natuursteen onderhouden.
Hout heeft het omgekeerde probleem: geen zuur maar water. Een natte bodem van een glas laat binnen een uur een witte ring achter in de lak of de olie. Op een blad van 66 bij 36 cm dat je als plateau gebruikt voor kaarsen en vazen speelt dat nauwelijks, en op een blad waar dagelijks koffie op staat wel. Welke afwerking hoeveel beschermt, staat in hout onderhouden met olie, was of lak.
Metaal met een messing- of brasstint vlekt niet, maar loopt wel aan. Vingerafdrukken zijn zichtbaar op een gladde afwerking en verdwijnen met een droge doek; de langzame verdonkering van messing is normaal en voor veel mensen juist de reden om het te kiezen. Meer daarover in messing en goudkleurig metaal onderhouden.
Resin is de praktische winnaar bij vocht en de verliezer bij zon. Hars kan na verloop van tijd verkleuren onder invloed van externe factoren, dus een resin blad hoort niet in de volle zon op een vensterbank. Het verschil met keramiek en glas staat in keramiek, resin en glas.
Gelakt is makkelijk in het gebruik en streng in het onderhoud. Een hoogglans oppervlak veegt in één beweging schoon en laat tegelijk elke fijne kras en elke vinger zien. Hoe je zo'n vlak streeploos krijgt staat in rookglas en hoogglans streeploos houden.
Welk materiaal bij welk meubel
Op een glazen of marmeren salontafel werkt hout het beste, omdat het warmte toevoegt aan een blad dat zelf koel en hard is. Het walnoot dienblad met organische vorm van 66 bij 36 bij 2 cm is met die 2 cm dikte laag genoeg om er vanaf de bank overheen te kijken.
Andersom geldt hetzelfde. Staat er een houten salontafel of een eiken dressoir, dan doet marmer of metaal meer dan nog een houttint. Twee houtsoorten op elkaar is de lastigste combinatie van allemaal, zoals beschreven in twee houtsoorten mixen.
Voor een donker of druk tafelblad kies je een blad met een egale kleur en een duidelijke omtrek. Het ronde dienblad in khaki taupe met hoogglans lak, 50 bij 50 bij 2 cm heeft precies dat: één kleur, een strakke cirkel, geen tekening die met de tafel concurreert. Op een tafel met een uitgesproken marmermotief is dat rustiger dan nog een steenpatroon erbovenop.
En op een plek waar het blad ook echt gebruikt wordt, in de keuken of naast de bank, kies je resin of metaal. Beide kunnen tegen een druppel, beide zijn licht, en geen van beide houdt een ring vast. Het volledige aanbod per vorm en maat staat bij de dienbladen en schalen; kies daar eerst op materiaal en pas daarna op formaat, want het materiaal bepaalt waar het blad de komende jaren blijft liggen.






