Wat er misgaat met het licht
Licht verpest een kamer sneller dan een verkeerd meubel dat doet. Er gaan hier drie dingen mis: alle licht komt van het plafond, de lampen geven onderling verschillende lichtkleuren, en de spiegel hangt op een plek waar hij niets te weerkaatsen heeft. De zes klassieke oorzaken van onrust, van een te klein vloerkleed tot het ontbrekende donkere punt, blijven hier buiten beschouwing; die staan in zes dingen die een woonkamer onrustig maken.
1. Alle licht komt van één punt in het plafond. Eén lamp midden boven de kamer geeft een vlak licht waarin niets een schaduw werpt en waarin je nergens prettig zit te lezen. Twee lage lichtbronnen die je los kunt aanzetten veranderen de avond meer dan welk meubelstuk ook: een vloerlamp van 135 cm naast de zithoek en een tafellamp op de kast zijn genoeg om te beginnen.
2. De lampen in één kamer branden in verschillende lichtkleuren. Een peertje van 2700 kelvin naast een van 4000 kelvin laat de ene hoek geel lijken en de andere blauwig, en dat valt vooral op zodra het buiten donker wordt. Koop lampen in dezelfde kelvinwaarde, ook als ze van verschillende merken komen; in de vloerlampen en tafellampen die je al hebt staan is dat het goedkoopste dat je kunt veranderen.
3. De spiegel hangt tegenover een blinde muur. Een spiegel geeft terug wat er tegenover hangt, dus tegenover een lege wand verdubbelt hij die lege wand. Hang hem haaks op het raam of schuin tegenover de lichtinval, dan brengt hij daglicht de kamer in.
Wat er misgaat aan de wanden
Wanden verpesten een kamer op drie manieren: de kunst hangt te hoog, de lijsten staan los van het meubel eronder, en de televisie hangt in een verder lege muur. Alle drie zijn ze binnen een middag te herstellen, zonder iets nieuws te kopen.
4. De kunst hangt te hoog. Het midden van een lijst hoort rond 145 cm van de vloer te zitten, en niet halverwege tussen de bovenkant van de bank en het plafond. Hoe je die hoogte per situatie bepaalt staat uitgewerkt in wat ooghoogte in huis betekent.
5. De lijsten hebben geen relatie met wat eronder staat. Kunst boven een dressoir van 160 cm breed die zelf 40 cm breed is, zweeft. Laat de breedte van wat er hangt meelopen met de breedte van het meubel eronder, of hang er iets naast zodat het vlak samen wel klopt.
6. De televisie hangt in een verder lege muur. Een zwarte rechthoek van een meter breed op een kale wand is het zwaarste punt in de kamer en trekt alles naar zich toe, ook als het scherm uit staat. Zet er hoogte naast in de vorm van een kast of een hoge plant, zodat de tv onderdeel van een vlak wordt in plaats van het enige dat er hangt. In de wand rond de televisie staat per opstelling wat daar werkt.
Wat er misgaat met de meubels en de materialen
Twee fouten die je niet ziet zolang je in de kamer woont: alle meubels zijn ongeveer even hoog, en er ligt nergens iets zachts. De eerste maakt de kamer saai, de tweede maakt hem hard en luid.
7. Alles is ongeveer even hoog. Een bank van 83 cm, een dressoir van 80 en een kast van 90 vormen samen één horizontale streep rond de kamer. De bank Croissant met een zithoogte van 43 cm laat zien hoe laag een moderne bank eigenlijk zit; zet daar dan wel iets hoogs tegenover, want anders eindigt alles alsnog op dezelfde lijn.
8. Er is geen zacht oppervlak in de kamer. Een houten vloer, een glazen tafel, een strak bankje en een gestucte muur maken samen een ruimte waarin elk geluid twee keer klinkt. Textiel is de snelste oplossing: een kleed, een plaid over de leuning en een kussen van 50 bij 50 met reliëf in het weefsel doen samen meer voor de akoestiek dan mensen verwachten. Waarom dat werkt en wat je nog meer kunt doen staat in wat je doet als een kamer galmt.
Wat er blijft liggen
De laatste twee gaan niet over inrichten maar over gewenning. Ze staan er al zo lang dat je ze niet meer registreert, en ze kosten allebei niets om op te lossen.
9. De plant staat nog in zijn plastic kweekpot. Zwart plastic met gaten erin doet ieder ander materiaal in de kamer tekort, hoe mooi de plant zelf ook is. Een pot met een vatopening van 30 cm neemt de meeste kweekpotten van grote kamerplanten zo op, dus je hoeft niet eens te verpotten.
10. Er is een stapelplek die nooit meer leegkomt. De stoel bij de deur, de hoek van de eettafel, de onderste tree van de trap: elk huis heeft er één, en die plek bepaalt hoe de kamer aanvoelt zodra je binnenkomt. Geef de spullen die daar landen een echte bestemming binnen twee meter, anders verhuist de stapel gewoon mee naar de volgende hoek. Manden, dozen en dienbladen die daarvoor werken staan in opbergen dat in het zicht mag blijven.
Loop de tien punten na in de volgorde waarin ze hier staan. Licht en wanden hebben het grootste effect en kosten het minst, de meubels komen daarna, en de laatste twee zijn een kwestie van één zaterdag.









