Ga naar hoofdinhoud

Zomervakantie: bestellingen geplaatst van 15 t/m 29 augustus verzenden we vanaf 31 augustus · showroom vanaf 27 augustus op afspraak, vanaf 28 september weer normaal geopend

Eigen bezorgservice · Veilig betalen · 5.0/5 reviews
Interiori by Noenoes DecoratiesInteriori by Noenoes Decoraties naar de homepage

Stylinggids

Licht van buiten dat naar binnen valt: straatlantaarn, buren, koplampen

Overdag valt het niet op. Pas als het huis donker is, zie je wat er allemaal naar binnen komt: de oranje gloed van een lantaarn op het plafond, een streep licht die over de muur trekt als er een auto de bocht om gaat, en de buitenlamp van de buren die op een bewegingsmelder staat en om half twee ineens aangaat. Dat is een ander probleem dan te veel zon, en het vraagt andere oplossingen.

NNoenoes team5 min leestijd
Woonkamer met grote ramen en zwarte jaloezieën, een crèmekleurige bank, ronde salontafels en een vloerlamp met gouden kap

Wat er 's nachts werkelijk naar binnen komt

Begin met vaststellen waar het licht vandaan komt. Ga een kwartier in het donker in de kamer zitten, zonder telefoon, en kijk waar het licht op valt.

Vier bronnen komen het vaakst voor. De straatlantaarn, meestal een vaste gloed op één vlak van het plafond of de muur. Koplampen, herkenbaar aan een bundel die beweegt en dus wakker maakt. Buitenverlichting van buren of van een parkeerplaats, vaak koud en fel. En verlichte reclame of een verkeerslicht, dat het vervelende ritme van aan en uit heeft.

Die bronnen vragen niet dezelfde oplossing. Tegen een constante gloed helpt materiaal; tegen bewegend licht helpt vooral het dichtmaken van de randen, want juist door een kier trekt een bewegende bundel de aandacht.

Waarom kunstlicht van buiten harder aankomt dan daglicht

Het gaat niet om de hoeveelheid licht. Een straatlantaarn geeft op een slaapkamermuur een fractie van wat de ochtendzon doet, en toch stoort hij meer.

Dat komt door contrast. In een donkere kamer staat je oog helemaal open, en dan is een klein lichtvlak een groot verschil ten opzichte van de omgeving. Daar komt bij dat moderne straatverlichting vaker koel wit is dan het oranje van vroeger, met een groter aandeel blauw licht, en dat is precies het deel van het spectrum waar het oog het gevoeligst voor is.

En er is beweging. Een vast lichtvlak went binnen een paar nachten; een bundel die elke keer opnieuw over het plafond schuift, went nooit.

Verduisteren in lagen

Er bestaat geen enkel product dat een kamer in één keer donker maakt. Wat werkt is stapelen, van licht naar zwaar.

  1. Een gewoon gordijn met voering. Een dichtgeweven stof met een aparte voering houdt de gloed van een lantaarn tegen en dempt geluid van straat. Voor veel woonkamers is dit genoeg.
  2. Verduisterende stof. Een geweven blackout of een gordijn met een coating aan de achterzijde laat vrijwel niets door. Reken erop dat de stof stugger valt dan een gewoon gordijn.
  3. Een rolgordijn of jaloezie in de dag van het kozijn, achter het gordijn. Dit vangt het licht al bij het glas op en scheelt dus wat er überhaupt de kamer in komt.
  4. Cassette met zijgeleiding. Een rolgordijn dat in een gesloten cassette loopt en aan beide zijden in een geleider zit. Dit is de enige oplossing die een slaapkamer echt donker maakt, en het is de investering waard als er een lantaarn pal voor het raam staat.

Welke stof, plooi en rail waarvoor geschikt zijn, en hoe je daglicht overdag stuurt in plaats van tegenhoudt, staat in het stuk over zonlicht sturen met gordijn, lamel of folie.

De lekken zitten aan de randen

De meeste klachten over slechte verduistering gaan over de stof, terwijl het probleem bijna altijd de rand is.

Een rolgordijn in de dag van het kozijn laat aan weerszijden een paar millimeter vrij, en daar komt een scherpe streep licht doorheen die over de muur valt. Boven de rol zit een spleet waar licht overheen kaatst. En bij gordijnen ontstaat het lek in het midden, waar de twee banen elkaar zouden moeten overlappen.

Drie ingrepen halen het meeste weg. Hang de rail boven het kozijn in plaats van erin, zodat de stof over de dag heen valt. Laat de banen elkaar in het midden ruim overlappen, minstens tien centimeter. En kies bij een rolgordijn op de dag altijd voor zijgeleiders, of hang het juist ruim op de muur.

Een bijkomend voordeel: precies dezelfde maatregelen houden in de winter warmte binnen, want de meeste warmte verdwijnt eveneens langs die randen.

Wat je met de opstelling oplost

Soms is het simpelweg de plek van het bed of de bank.

Ligt het hoofdeinde recht tegenover het raam, dan kijk je bij elk wakker moment in de lichtbron. Een kwartslag draaien, zodat het raam naast je zit in plaats van voor je, kost niets en werkt beter dan welke stof ook.

Let daarnaast op wat er weerkaatst. Een grote ronde spiegel van 110 cm is prachtig tegenover een raam en verdubbelt overdag het daglicht, maar 's nachts doet hij precies hetzelfde met de lantaarn en met koplampen. In een slaapkamer met lichthinder hangt zo'n spiegel beter op de wand naast het raam. Datzelfde geldt voor een glazen tafelblad, een televisie in stand-by en hoogglans kastdeuren.

Als een lampje binnen juist helpt

Dit klinkt tegenstrijdig en het is het niet: soms is de oplossing licht bijzetten in plaats van weghalen.

Het probleem is immers contrast. Een klein, warm lichtpunt in de kamer tilt het achtergrondniveau net genoeg op dat de streep van buiten niet meer als een breuk in het donker leest. Dat werkt vooral in een hal, op een overloop of in een woonkamer waar je 's avonds nog doorheen loopt.

Een tafellamp met vier ovale lichtringen en een diffuser van 53 cm hoog geeft zo'n zacht, gespreid licht zonder een felle bron in het zicht. Nog een stap lager zit kaarslicht: een windlicht van 40 cm hoog met een diameter van 24 cm geeft bewegend, warm licht dat het contrast breekt en tegelijk geen enkele slaperige hersencel wakker schudt. In de kandelaars en windlichten staan meerdere maten die daarvoor werken. Voor de badkamer, waar je 's nachts vaak nog even bent, is dat een bekend recept; hoe dat daar uitpakt staat in kaarslicht in de badkamer.

In de donkere maanden speelt dit alles sterker, omdat het simpelweg langer donker is. Wat een huis dan nodig heeft, staat in licht in de donkere maanden.

Wat jij zelf naar buiten stuurt

Tot slot de andere kant van hetzelfde onderwerp. De buitenlamp bij jouw voordeur schijnt bij iemand anders naar binnen, en een tuinspot die schuin omhoog staat, verlicht behalve je boom ook de slaapkamer van de buren.

Drie dingen voorkomen dat. Richt buitenlampen naar beneden in plaats van omhoog. Kies warm licht van rond de 2200 tot 2700 kelvin in plaats van koel wit. En zet een bewegingsmelder op een korte nabrandtijd in plaats van op een schemerschakelaar die de hele nacht doorbrandt.

Welke buitenverlichting waar hoort en hoe je die instelt, staat in buitenverlichting bij de voordeur en het terras.

Bekijk alle verlichting

Bekijk de collectie

Meer stylinginspiratie