Wanneer voegt een kussen op een zitplek iets toe?
Er is één test die vrijwel altijd klopt: verdwijnt het kussen op de vloer voordat iemand gaat zitten, dan hoort het daar niet. Op een bank is dat zelden een probleem, want daar is plek genoeg over. Op een stoel is de zitting precies zo groot als de persoon erop, en dan wordt elk kussen een obstakel.
Reken erop dat een gevuld sierkussen zo'n 12 tot 15 cm zitdiepte inneemt zodra iemand ertegenaan leunt. Bij een fauteuil met een zitdiepte van 67 cm is dat winst, want zonder kussen hangt je onderrug los. Bij een eetkamerstoel met een zitdiepte van 48 cm is het verlies, want je schuift naar voren en zit met je knieholtes op de rand.
Stel jezelf dus drie dingen voor je iets neerlegt. Zit je in deze stoel te ver naar achteren? Zit er iemand elke dag in? En kan het kussen ergens tegenaan leunen, of staat het los in het midden van de zitting? Op die laatste vraag valt de helft van de gevallen al af.
Een situatie die je in veel huizen tegenkomt: de fauteuil in de erker waar 's ochtends koffie wordt gedronken. Daar ligt vrijwel altijd een kussen en daar blijft het ook liggen, omdat de stoel dieper is dan de persoon die erin zit. Twee meter verderop ligt hetzelfde soort kussen op een eetkamerstoel, en dat is binnen een week verhuisd naar de vensterbank.
De fauteuil: één kussen, en het formaat luistert nauw
De fauteuil is de zitplek waar een kussen het vaakst echt iets doet. Voorwaarde is dat het in de hoek tussen zitting en rugleuning valt en niet tegen een armleuning aan komt te staan.
Voor die hoek werkt een langwerpig model beter dan een vierkant. Een vierkant kussen van 50 bij 50 in een stoel met armleuningen op zestig centimeter afstand wordt aan twee kanten ingeklemd en gaat rechtop staan als een schotje. Het sierkussen Delphine van 30x50 cm legt zich juist in die hoek en steunt precies de onderrug, en bij een diepere loungestoel doet het kussen Olin van 40x60 cm hetzelfde met wat meer volume.
Vierkant kan wel, maar dan in een stoel zonder armleuningen of in een ruime kuip. Het sierkussen Celeste van 45x45 cm in velvet is daar een goede maat voor: groot genoeg om de rug te vullen, klein genoeg om niet over de zitting heen te hangen.
Bij een draaifauteuil is er nog een eigenschap die telt, en dat is het gewicht. Een licht gevuld kussen glijdt bij elke draai een stukje mee en ligt na een week op de vloer. Kies daar een vulling die zwaar genoeg is om te blijven liggen, of laat de stoel leeg.
Eetkamerstoel, barkruk en bureaustoel: meestal in de weg
Aan de eettafel verliest het sierkussen bijna altijd. Het duwt je naar voren, het tilt je een paar centimeter op ten opzichte van het blad, en tijdens het eten belandt het op de zitting van de buurstoel. Zit er een gast op een harde stoel zonder stoffering, dan is een plat zitkussen op de zitting de oplossing, en dat is een ander product dan een sierkussen tegen de rug.
Op een barkruk komt er nog iets bij: er is geen hoek waarin een kussen kan blijven liggen. De rugleuning is hoog en smal, de zitting is rond, en alles wat je erop legt schuift eraf bij het instappen. Comfort op een kruk komt van de zithoogte en de voetsteun, en hoeveel plaats je per kruk nodig hebt staat in hoeveel barkrukken er aan een keukeneiland passen.
De bureaustoel is het buitenbeentje. Daar werkt een klein langwerpig kussen wel, maar dan functioneel: laag in de rug, ter hoogte van de riem, en niet als decoratie. Zet er een sierkussen in een lichte stof neer en het is binnen een maand grijs van de mouwen die er de hele dag langs schuiven.
De poef, de leeshoek en de kussens die geen stoel hebben
Een poef heeft geen rugleuning, dus een kussen erop heeft niets om tegenaan te vallen. Het schuift van de bolling af zodra iemand zijn voeten erop legt, en dan ligt het weer op de vloer.
Toch is de poef de handigste plek in een leeshoek, juist omdat je er kussens op parkeert. Een fauteuil waarin echt gelezen wordt, is een fauteuil waaruit het kussen elke avond wordt gehaald; als er dan een poef of een mand binnen handbereik staat, verdwijnt het niet achter de stoel. Dat is geen styling, dat is de reden dat de opstelling na drie maanden nog steeds klopt.
In een leeshoek met een lage stoel bij een raam werkt één zacht kussen in een stof die afwijkt van de bekleding beter dan twee in dezelfde kleur. Een velvet kussen op een geweven stoel of andersom laat de vorm van de stoel intact; twee kussens in dezelfde tint maken van de zitting een berg.
Hoeveel is te veel, en waar gaat de rest heen?
Eén per stoel. Een fauteuil met twee sierkussens heeft geen zitting meer over, en dat merk je pas als er iemand komt logeren en je ze allebei op de grond legt.
Heb je er meer in huis dan er stoelen zijn, dan hoort de rest op de bank thuis, en hoeveel er daar mogen liggen staat in hoeveel sierkussens op een bank. Wissel liever per seizoen dan alles tegelijk neer te leggen: twee sets die elkaar afwisselen houden de kamer langer fris dan één stapel die het hele jaar blijft.
Kleur haal je in een leeshoek het makkelijkst van de wand. Staat de fauteuil onder een reeks lijsten, kies dan een kussen dat één tint uit die lijsten oppakt; hoe je zo'n reeks ophangt staat in kunstwerken in een set hangen. Het volledige aanbod aan sierkussens en plaids is groot genoeg om per stoel iets te vinden dat past bij wat er al hangt.
Bekijk alle sierkussens en plaids
Bekijk de collectie





