De kamer waarin de boom nergens paste
Een woonkamer van vier en een halve meter breed, een hoekbank langs twee wanden, de televisie op de korte wand en de eettafel bij het raam. Toen de doos van zolder kwam, bleef er precies één plek over: de hoek naast het tv-meubel, pal boven de radiator. Daar is de boom dus gaan staan, want ergens moest hij heen.
Wat er daarna misging had niets met smaak te maken. De onderste takken hingen half voor het scherm, dus die werden omhooggebogen en zakten elke avond terug. De doorloop van de bank naar de keuken werd zo smal dat iedereen met een bord in de hand langs de takken schuurde. Boven een radiator die de hele avond aan staat droogt een boom bovendien merkbaar sneller uit.
En de kamer zelf klopte niet meer. Alles wat normaal in die hoek stond, was doorgeschoven naar de eethoek, waar het de rest van de winter bleef staan.
Welke hoek kun je zes weken missen?
In de meeste kamers is er geen lege hoek. Er is een hoek die je tijdelijk opgeeft, en dat is bijna altijd de hoek waar nu iets groots staat dat op één plek kan worden weggezet. Een grote plant of een opgemaakte vloervaas is daarvoor de logische kandidaat, want die staat er al omdat het de mooiste hoek van de kamer is.
Neem een opstelling als de vloervaas in betonlook met kunstolijfboom. De vaas zelf is 90 cm hoog en de olijfboom erop brengt de opstelling tot ruim twee meter. Zo'n object vraagt om licht, ruimte en een wand achter zich, en dat is exact de plek die een kerstboom nodig heeft. Het verschil is dat de olijfboom zes weken in de hal of de logeerkamer kan doorbrengen zonder dat iemand het erg vindt.
Wat je juist niet moet opgeven: de plek van de fauteuil waar 's avonds iemand in zit, en de hoek waar de vloerlamp staat. Die lamp is meestal de reden dat die hoek er warm uitziet.
De doorloop weegt zwaarder dan de zichtlijn
Kies de plek op de looproute, niet op het uitzicht vanaf de bank. Een boom die er vanuit de deuropening prachtig uitziet maar de route naar de keuken halveert, verliest binnen een week.
Loop de kamer letterlijk door met een volle mok in je hand. De route van de bank naar de deur, van de deur naar de eettafel, en van de eettafel naar de keuken. Waar je moet inhouden, staat de boom verkeerd. Hoeveel vloer een grote boom onderaan werkelijk in beslag neemt staat uitgewerkt in de gids over de hoogte van een kunstboom kiezen; die cirkel is groter dan mensen inschatten, omdat de onderste takken het verst uitsteken.
Er is één situatie waarin de zichtlijn wél wint: een kamer met een openslaande deur of een groot raam waar je van buitenaf naar binnen kijkt. Dan staat de boom voor het raam en accepteer je dat je binnen om hem heen loopt.
Welk formaat past bij welke kamer?
Het formaat volgt uit de vrije vloer, niet uit de hoogte van het plafond. Een kamer met een hoekbank tegen de enige lange wand heeft misschien anderhalve meter vrije vloer in de hoek, en dan is een smalle boom van 150 cm die bovendien op een dressoir of kist kan staan sterker dan een brede van ruim twee meter op de vloer.
Drie formaten die in de praktijk terugkomen:
- Op een meubel. Een boom van iets meer dan een meter komt op een dressoir of een kist met kroon en al op ooghoogte uit. De witte sakura bloesemboom van 110 cm laat goed zien wat dat formaat doet: 80 tot 90 cm breed, dus hij vult de hoek zonder de vloer op te eisen.
- Op de vloer, smal. Rond anderhalve meter hoog en niet breder dan de kast waar hij naast staat. Dit is het formaat voor een kamer waar de boom naast een kast of tussen twee ramen komt. De magnolia boom op perentak van 150 cm heeft precies die verhouding en blijft daardoor uit de looproute.
- Op de vloer, breed. Alles boven de 180 cm hoort in een kamer waar je er van twee kanten omheen kunt. In een rijtjeshuiskamer van vier meter breed betekent dat meestal dat er een meubelstuk uit moet.
De grens waar het misgaat is te herkennen: zodra je de onderste rij takken moet omhoogbinden om ergens langs te kunnen, is de boom een maat te groot voor die plek.
Wat er wijkt, en waar het heen gaat
Bedenk vóór de boom er staat waar het verplaatste meubilair zes weken blijft. Dat klinkt overdreven en het is precies de stap die elk jaar wordt overgeslagen.
In de kamer uit het begin ging de olijfboom naar de hal, waar hij naast de trap tegen een lege wand kwam te staan. De fauteuil schoof niet naar de eethoek maar de kamer uit, naar de slaapkamer, want in de eethoek stond hij in de weg bij het dekken. De vloerlamp bleef staan waar hij stond: die verlicht straks de boom.
Wat niet werkt is de salontafel opzij schuiven. Het kleed komt dan half onder de bank uit te liggen en de hele zithoek raakt uit het lood, voor een paar centimeter winst die je nauwelijks merkt.
Dezelfde kamer, opnieuw ingedeeld
De boom staat nu in de raamhoek, op de plek van de olijfboom, met de wand achter zich en de vloerlamp ernaast. De tv-hoek is ongemoeid gebleven, dus er hangt niets meer voor het scherm. De route van de bank naar de keuken is even breed als in de rest van het jaar en de radiator staat vrij.
Wat er in de boom hangt is daarna een kleinere beslissing dan het lijkt. Kies liever ornamenten in een kleurenreeks die na jaren nog bij het interieur klopt dan een compleet nieuw thema per jaar; het scheelt een doos op zolder en het staat rustiger. Ben je klaar met rood en groen, dan staat in het stuk over kerst in glas, hout en licht een uitgewerkt alternatief.
En in januari komt de olijfboom terug uit de hal. Dat is meteen het moment om te bekijken of die hoek het hele jaar door een boom verdient. In de kunstbomen staan losse exemplaren die je in je eigen pot of vloervaas zet, van iets meer dan een meter tot ruim anderhalve meter hoog.






