De situatie: drie rugloze krukken aan een eiland van 90 cm
Een keukeneiland met een overstek van 30 cm, en daaronder drie ronde krukken zonder rugleuning. Ze zijn ooit gekocht omdat ze mooi weinig plaats innamen en helemaal onder het blad verdwenen.
In gebruik gebeurt er dit. Bij het ontbijt zit er iemand tien minuten, daarna gaat diegene staan en eet de rest van de boterham bij het aanrecht. Wie 's avonds komt aanschuiven terwijl er gekookt wordt, blijft twee minuten zitten en gaat dan tegen de kastwand leunen. En de kruk die het meest gebruikt wordt, staat altijd schuin, omdat je hem elke keer met je heup opzij duwt bij het opstaan.
Het eiland is dus geen zitplek geworden maar een aanrecht met drie voorwerpen ervoor. Dat is een probleem van rugsteun, niet van hoogte.
Wat er precies misgaat zonder rugleuning
Op een kruk zonder rug houd je je bovenlichaam met je eigen rugspieren rechtop. Dat kan prima, maar niet lang. Na een minuut of tien begin je te leunen, en omdat er niets is om tegenaan te leunen ga je naar voren hangen over het blad, met je ellebogen als steunpunt.
Daar komt bij dat je voeten hoog boven de vloer hangen. Bij een zithoogte van 65 cm zweeft je onderbeen, en de voetsteun van de kruk is dan het enige wat je onderlichaam vasthoudt. Zit die steun te laag, dan blijft je been zwaar en ga je schuiven.
Het derde punt is minder lichamelijk en meer sociaal. Een rugloze kruk geeft geen richting aan. Je zit er van alle kanten op, dus je draait mee met wie er praat en je zit half met je rug naar de kamer. Een rugleuning bepaalt waar de voorkant is, en daarmee waar het gesprek is.
Stap 1: tel hoe lang er echt gezeten wordt
Voordat je iets bestelt, tel je een gewone week uit. Niet wat je van plan bent, maar wat er gebeurt.
Onder een kwartier per keer, en alleen voor koffie of om even iets te lezen: dan is een rugloze kruk verdedigbaar en houd je de lichtste optie. Tussen een kwartier en drie kwartier, dus ontbijten en aanschuiven bij het koken: dan wil je minstens een lage rug. Boven de drie kwartier, bijvoorbeeld omdat je er thuiswerkt of avondeten eet: dan is een volwaardige rugleuning geen luxe.
In het voorbeeld hierboven kwam die telling uit op vier ontbijten van twintig minuten, twee avonden aanschuiven van een uur, en één zaterdagochtend van anderhalf uur met de krant. Dat is de derde categorie, en daarmee ligt de keuze vast.
Zit er huiswerk of laptopwerk aan het blad vast, dan telt dat zwaarder dan al het andere. Rugloos zitten en typen gaan niet samen.
Stap 2: kies de mate van rugsteun die daarbij hoort
Rugleuningen zijn geen aan-of-uitknop. Er zitten drie tussenstanden in, en ze verschillen in hoeveel van je rug ze pakken.
Een open rugleuning is een beugel of een ovaal dat alleen je onderrug raakt. De barstoel Dantes met een zithoogte van 75 cm en een totaalhoogte van 104 cm is daar een voorbeeld van: de ovale rug steekt 29 cm boven de zitting uit, maar er zit lucht tussen de rug en het frame, waardoor de stoel visueel bijna niets weegt. Voor de middencategorie, tot ongeveer drie kwartier, is dit vaak de beste ruil.
De omsluitende kuip gaat een stap verder. Bij de barstoel Cheyenne met een zithoogte van 67 cm en armleuninghoogte 90 cm loopt de rugleuning door tot aan de zijkanten, zodat je ook zijwaarts steun hebt. Dat is precies wat je nodig hebt als je aan een blad zit en je naar links of rechts draait om met iemand te praten.
De brede variant is de derde stand. De barstoel Beverly, 43 cm breed, 55 cm diep en 83 cm zithoogte heeft een brede omsluitende rug met de armleuning op 93 cm, dus 10 cm boven de zitting. Bij een bartafel van 107 cm betekent dat: je armen liggen op de leuning en je onderarmen komen precies op bladhoogte uit.
Neem in alle drie de gevallen een draaibare zitting als hij er is. Bij een rugleuning wordt in- en uitstappen namelijk lastiger dan bij een rugloze kruk, en draaien lost dat op zonder dat je de hele stoel hoeft te verschuiven. Welke zithoogte bij welk blad hoort, staat uitgerekend in de barstoel volgt het blad.
Stap 3: controleer wat de rug met de ruimte doet
Een rugleuning kost hoogte en diepte, en dat merk je pas als de stoelen er staan.
De totaalhoogte is het eerste. Een kruk zonder rug komt niet boven het blad uit en is vanuit de woonkamer onzichtbaar; een stoel van 108 cm steekt bij een eiland van 90 cm bijna twintig centimeter boven het blad uit. De achterkant van die rugleuning wordt daarmee een vlak dat je elke dag ziet, en de stof moet daar dus net zo goed kloppen als aan de voorkant.
Het tweede is dat de stoelen niet meer helemaal wegschuiven. Een Dantes van 46 cm diep steekt bij een overstek van 30 cm nog altijd zestien centimeter de looproute in als hij aangeschoven staat. Houd achter de rij daarom 80 tot 100 cm vrij, anders wordt de doorloop langs het eiland smaller dan je gewend was.
Ten derde verandert wat er op het blad kan staan. Waar drie rugloze krukken het blad vrij lieten, onderbreken drie rugleuningen van 20 cm boven het blad nu de lijn. Wat je erop zet moet daar bovenuit komen of er juist ver onder blijven, en dat laatste is meestal het rustigst: een lage stapel of een plat object in de laag tussen tien en vijfentwintig centimeter, precies de band die in boekensteunen en boekendozen wordt uitgewerkt.
De situatie erna, en waar rugloos alsnog wint
Terug naar hetzelfde eiland, nu met drie stoelen met een omsluitende rug van 67 cm zithoogte, allemaal draaibaar. Het ontbijt duurt niet langer, maar het wordt wel zittend afgemaakt. Wie 's avonds aanschuift, blijft zitten in plaats van naar de kastwand te verhuizen. En geen enkele stoel staat nog schuin, omdat niemand hem meer hoeft te verschuiven bij het opstaan.
Er is één gebruik waarbij de rugloze kruk het wel wint, en dat is de borrel. Bij een staande borrel zitten mensen kort en wisselen ze steeds van plek, en dan is een lichte kruk die je met één hand verplaatst meer waard dan een stoel die op zijn plek blijft. Hoeveel zitplaatsen je bij acht gasten werkelijk nodig hebt, en waarom dat er minder zijn dan je denkt, staat in een borrel voor acht thuis.
De tweede uitzondering is ruimtelijk. In een smalle keuken waar het eiland op 90 cm van de kastenwand staat, is elke centimeter diepte er een. Een rugloze kruk van 35 cm doorsnede die volledig onder het blad verdwijnt, houdt die doorgang open op een manier die geen enkele stoel met rugleuning kan.
En de derde: een blad dat hoger is dan 120 cm. Daar wordt zitten sowieso lastig en heb je eerder een statafel dan een zitplek. Kijk in dat geval bij de barstoelen naar de zithoogtes voordat je op model kiest, want boven de 83 cm zithoogte wordt het aanbod snel dun.



