Waarom de winkeltest niets zegt
Bij het gaan zitten voel je vooral de bovenste laag: hoe zacht de vulling is en hoe de stof aanvoelt. Dat is precies de eigenschap die na tien minuten niet meer telt.
Wat daarna gaat tellen, is of je bekken op de juiste plek blijft, of je rug ergens tegenaan komt en of de rand van de zitting in je bovenbeen drukt. Die drie hangen af van maten, niet van gevoel.
Ga in een winkel dus niet even zitten maar minstens vijf minuten, en doe daarbij wat je thuis ook doet: een beetje naar voren leunen, achteroverzakken, met je benen onder de stoel.
De zitdiepte bepaalt of je rug steun krijgt
Dit is de belangrijkste maat. Bij een te diepe zitting kun je niet tegelijk achteroverleunen en met je voeten op de vloer staan, en dan zak je onderuit.
Voor de meeste volwassenen werkt een zitdiepte tussen 43 en 48 cm. Een stoel met een zitdiepte van 45 cm valt daar precies in. Boven de 50 cm wordt het een loungestoel aan tafel: prettig voor een lang diner, ongeschikt om aan te werken.
Controleer het zo: ga achterin de stoel zitten en kijk of er tussen de rand van de zitting en je knieholte ruimte overblijft voor twee tot drie vingers. Zit de rand tegen je knieholte, dan snijdt hij de doorbloeding af en dat merk je binnen een half uur.
De hoek van de rugleuning
Aan een eettafel wil je een rugleuning die ongeveer rechtop staat, met een lichte helling naar achteren.
Staat de rug helemaal recht, dan duwt hij je naar voren en gebruik je hem niet. Helt hij ver naar achteren, dan zit je te ver van de tafel en moet je naar je bord toe buigen.
Belangrijker dan de hoek is waar de rug je raakt. Steun in de onderrug, ongeveer ter hoogte van je broekband, is wat een stoel urenlang draaglijk maakt. Een rugleuning die pas hoger begint, laat juist het deel vrij dat het nodig heeft.
Bij een stoel met een gebogen rugleuning en armleuningen komt daar de vorm bij: een schaal die om je heen loopt geeft ook zijdelings steun, wat prettiger zit dan een vlakke plaat.
Vulling of vorm
Er zijn twee manieren om een stoel comfortabel te maken, en ze werken allebei.
Vulling. Schuim of veren over een vlakke onderconstructie. Zacht in het begin, en de kwaliteit van het schuim bepaalt hoe lang dat zo blijft. Goedkoop schuim zakt binnen twee jaar in op de plek waar het meeste gewicht komt.
Vorm. Een gebogen schaal van multiplex of kunststof met weinig of geen vulling. Dat voelt in de winkel harder aan en zit vaak beter na een uur, omdat het gewicht over een groter vlak wordt verdeeld.
De combinatie van beide is het prettigst: een gebogen schaal met een dunne laag vulling erop. Een draaibare stoel met een zithoogte van 49 cm en een zitdiepte van 45 cm laat zien hoe dat uitpakt, met de draaifunctie als extraatje voor wie vaak opstaat.
De rand van de zitting
Een detail dat zelden wordt genoemd en dat veel bepaalt: hoe de voorrand van de zitting is afgewerkt.
Een scherpe, rechte rand drukt in je bovenbeen. Een afgeronde rand die iets naar beneden buigt, laat je been vrij. Bij houten stoelen zonder vulling is dat het verschil tussen een half uur en twee uur.
Let ook op de naad. Een stiknaad precies op de voorrand voel je na een tijd door je kleding heen, en dat is een van de weinige dingen aan een stoel die je niet went.
Wat er na twee jaar verandert
Comfort is niet statisch. Een stoel die nieuw prettig zit, kan na twee jaar een heel andere stoel zijn.
Schuim zakt in op de plek waar het gewicht komt, en dat gebeurt ongelijk: de stoel die het vaakst wordt gebruikt, zakt het eerst. Bij een set van zes stoelen zie je dat aan twee exemplaren die lager staan dan de rest.
Dat is te vertragen door de stoelen af en toe te wisselen van plek, precies zoals je bankkussens omdraait. En bij aankoop is de dichtheid van het schuim de eigenschap die dit bepaalt: hoe zwaarder het schuim aanvoelt bij gelijke dikte, hoe langer het zijn vorm houdt.
De stoel en de tafel samen
Comfort staat niet los van de tafel. Een goede stoel onder een te lage tafel is alsnog oncomfortabel.
Houd tussen zitting en onderkant blad 27 tot 32 centimeter aan, en controleer of armleuningen onder de tafelrand passen. De volledige rekensom staat in zithoogte en tafelhoogte.
Wat je per huishouden zoekt
De eerlijke conclusie is dat er geen beste stoel bestaat, alleen een beste stoel voor jouw manier van eten.
Wordt er bij jullie snel gegeten en daarna opgestaan, dan is een compacte stoel zonder armleuning met een stevige zitting logisch. Duren de maaltijden lang en blijft iedereen napraten, dan zijn een diepere zitting, een gebogen rug en armleuningen de investering waard.
Bekleding is daarbij een aparte afweging die vooral over slijtage gaat; die staat in stof of leer aan de eettafel. En of alle stoelen gelijk moeten zijn, staat in alle eetkamerstoelen gelijk, of juist niet. Vergelijk bij het kiezen de zitmaten die per model staan vermeld in de eetkamerstoelen.
Bekijk alle eetkamerstoelen
Bekijk de collectie





