De vier materialen naast elkaar
| Materiaal | Gevoel onder de voet | Slijtvastheid | Vlekken | Sterkste plek |
|---|---|---|---|---|
| Wol | Veerkrachtig, droog, warm | Hoog, herstelt van indrukken | Stoot water af, vlek eerst deppen | Woonkamer en slaapkamer |
| Katoen | Zacht en plat, koeler | Matig, zakt in bij druk | Wasbaar, verkleurt bij zon | Slaapkamer en kleine kleedjes |
| Viscose | Zijdeachtig, glanzend, koel | Laag, plet snel | Watervlekken blijven zichtbaar | Ruimtes met weinig looproutes |
| Polypropyleen | Iets stugger, gladder | Zeer hoog | Bijna alles gaat eruit | Eetkamer, hal, kinderkamer |
Deze vier dekken vrijwel alles wat je in een woonwinkel tegenkomt, al dan niet gemengd. Een mengsel neemt de eigenschappen over naar rato: 80 procent wol met 20 procent katoen gedraagt zich in de praktijk als wol met iets minder veerkracht en een lagere prijs.
Wol: de duurste die het langst meegaat
Wolvezels zijn van nature gekruld, en die krul is waarom een wollen kleed terugveert nadat er een tafelpoot op heeft gestaan. Zet je een 40 kilo zware fauteuil op een wollen kleed en haal je hem er een jaar later af, dan trekt de indruk er met wat vocht en een stofkam grotendeels uit.
Wol bevat ook lanoline, een natuurlijke vetlaag die vocht een paar minuten tegenhoudt. Gemorste wijn kun je opdeppen voor hij in de vezel zakt, mits je er meteen bij bent. Een kleed van 80 procent wol met een pool van 1,5 cm in 200x300 cm is daarmee de meest zorgeloze keuze voor een zithoek waar dagelijks geleefd wordt.
De nadelen zijn de prijs en het pluizen. Een nieuw wollen kleed laat de eerste twee tot drie maanden losse vezels los, en dat is normaal: je zuigt het weg en het stopt vanzelf.
Katoen: licht, wasbaar, weinig veerkracht
Katoen is een platte vezel zonder krul, en dat merk je meteen. Een katoenen kleed voelt zacht maar dun aan, houdt geen warmte vast en veert niet terug: waar een poot staat, blijft een deuk.
Daar staat tegenover dat katoen de enige van de vier is die je vaak gewoon in de machine kunt wassen, zeker in kleinere formaten tot ongeveer 120x180 cm. Dat maakt hem de logische keuze naast een bed, in een kinderkamer of in een badkamer.
In grote formaten kom je katoen meestal alleen tegen als bijmenging, bijvoorbeeld 20 procent katoen in de rugzijde of in de pool van een wollen kleed. Die 20 procent verlaagt de prijs zonder dat het karakter van wol verdwijnt.
Viscose: de glans die een prijs heeft
Viscose is een vezel van houtpulp die zijde nabootst, en dat lukt goed: een viscosekleed heeft een verlopende glans waardoor de kleur verandert als je eromheen loopt. Een kleed van 80 procent viscose met een poolhoogte van 1 cm laat dat effect duidelijk zien, doordat het ingeweven patroon licht op twee manieren opvangt.
De keerzijde is de gevoeligheid voor vocht. Viscose neemt water op en zwelt daarbij, waardoor een gemorst glas een kringvormige, lichtere plek achterlaat die er ook na drogen nog is. Schoonmaken met water is dus geen optie, en dat maakt viscose ongeschikt voor de eetkamer en de hal.
Ook plet viscose sneller dan wol. In een looproute zie je binnen een jaar een baan ontstaan waar de pool platter ligt, en die komt niet meer overeind.
Polypropyleen: het praktische alternatief
Polypropyleen, ook verkocht als PP of onder merknamen, is een kunstvezel die niet poreus is. Water en de meeste vlekken dringen niet in de vezel door, waardoor je een groot deel ervan met lauw water en een neutraal middel weer weg krijgt. Bij vezels die in de massa zijn gekleurd zit de kleur in het materiaal zelf, dus die verbleken ook niet in de zon.
Het gevoel onder de voet is het duidelijkste verschil met wol: gladder, minder warm, iets stugger. In ruil daarvoor krijg je een kleed dat een eetkamer of een hal jarenlang uithoudt en een fractie kost van een wollen exemplaar in hetzelfde formaat.
Kijk bij synthetische kleden vooral naar de dichtheid van de pool. Een dun, laag geknoopt exemplaar voelt goedkoop aan hoe goed de vezel ook is, terwijl een dichte pool het verschil met natuurvezel klein maakt. Een velvet kleed van 200x300 cm laat zien wat een dichte, korte pool doet: het oppervlak oogt egaal en de kleur verschiet niet per looprichting.
Onder de eettafel gelden andere regels
Aan tafel schuiven stoelen honderden keren per week heen en weer over hetzelfde stuk kleed, en er valt eten. Dat maakt de eetkamer de zwaarste plek in huis voor een vloerkleed.
Kies daar een lage, dichte pool van maximaal 1 cm, zodat stoelpoten er niet in blijven haken. Wol en polypropyleen kunnen allebei, viscose niet. Neem het kleed ook 60 tot 70 cm groter dan de tafel aan alle kanten, want dat is de afstand die een stoel naar achteren gaat als iemand opstaat: bij een tafel van 180x90 cm kom je dan uit op ongeveer 300x230 cm. Het volledige rekenwerk per zithoek en eethoek staat in het stuk over welke maat vloerkleed je nodig hebt, en de tafelmaten zelf vind je bij de eettafels.
In de slaapkamer mag het zachter
Hier loopt niemand met schoenen en staat er nauwelijks meubilair op het kleed, dus alle beperkingen van hierboven vallen weg. Dit is de kamer waar viscose wel kan, en waar een hoge pool op zijn plaats is.
Reken met een kleed dat aan drie zijden van het bed minstens 60 cm uitsteekt, zodat je met beide voeten op textiel stapt. Bij een bed van 160x200 cm betekent dat 280x320 cm, of twee losse kleden van 80x150 cm langs de zijkanten als het budget of de kamer dat niet toelaat.
Poolhoogte, en wat je verder navraagt
Twee kleden van hetzelfde materiaal kunnen zich totaal anders gedragen als hun pool verschilt. Een pool van 1 cm is stevig, makkelijk te zuigen en geschikt onder meubels; een pool van 3 cm voelt luxer, dempt meer geluid en vraagt een stofzuiger zonder roterende borstel.
Reken bij hoogpolig ook op de drempel. Een kleed van 3 cm plus een ondertapijt van 0,8 cm brengt de vloer bijna 4 cm omhoog, en dat kan net de deur zijn die niet meer open kan.
Vraag verder altijd naar de poolhoogte en de samenstelling in percentages, want "wollook" of "zijdeglans" zegt niets over de vezel. Vraag daarnaast of het kleed geknoopt, geweven of getuft is: getuft is lijmgebonden en gaat korter mee dan geweven of geknoopt bij gelijk materiaal.
Bestel als het kan een staal, en test dat op twee dingen. Gooi er een half glas water op en kijk na het drogen of er een rand achterblijft, en druk er een muntstuk of tafelpoot een uur in om te zien of de pool terugkomt. Die twee tests voorspellen samen het grootste deel van wat je de komende tien jaar aan het kleed gaat beleven.
Bekijk alle vloerkleden
Bekijk de collectie


