Vier materialen naast elkaar, plus een nieuwkomer
Twee salontafels van 90 cm doorsnede nemen precies evenveel vloer in en gedragen zich totaal verschillend zodra ze in de kamer staan. Het verschil zit in drie dingen: wat de tafel weegt, wat hij aan onderhoud vraagt en hoe zwaar hij oogt.
| Materiaal | Gewicht | Onderhoud | Optisch gewicht | Zwakke plek |
|---|---|---|---|---|
| Marmer en natuursteen | hoog | hoog, poreus en vlekgevoelig | zwaar | rode wijn, olie, citroen |
| Hout | midden | laag tot midden | midden | kringen, zonlicht, droge lucht |
| Glas | midden, blad zwaar | laag maar zichtbaar | licht | vingerafdrukken, alles eronder |
| Metaal | laag tot midden | laag | midden, hangt af van de kleur | krassen in de lak |
| Keramiek | midden | zeer laag | midden | schade aan de rand bij een harde klap |
Lees die tabel van rechts naar links. Begin bij de kolom die in jouw huis het zwaarst weegt: met kleine kinderen is dat onderhoud, in een kamer van 20 m² is dat optisch gewicht, en op een oude houten verdiepingsvloer is dat het echte gewicht. Pas daarna kijk je naar wat je mooi vindt.
Er is nog een vierde overweging die zelden op een productpagina staat: wat er onder de tafel ligt. Op een hoogpolig vloerkleed staat een tafel met vier smalle poten scheef en zakt hij per poot een halve centimeter weg, terwijl een brede sokkelvoet of een gesloten onderstel het gewicht verdeelt. Op een gladde tegelvloer geldt het omgekeerde en is een tafel met poten juist makkelijker recht te krijgen.
Welke maat je überhaupt nodig hebt staat in het artikel over de maat van je salontafel; hieronder gaat het alleen over waar het blad van gemaakt is.
Marmer en natuursteen
Marmer is het zwaarste van de vijf en dat merk je op de dag van bezorging. Een rond blad van 90 cm doorsnede en 2 cm dik komt al snel op dertig kilo, en met het onderstel erbij til je zo'n tafel niet alleen. Op een zwevende dekvloer of een houten verdiepingsvloer is dat geen probleem, mits het gewicht over meerdere poten wordt verdeeld en niet op één punt drukt.
Het tweede kenmerk is dat de steen poreus is. Rode wijn, olijfolie en citroensap trekken in de open structuur, en bij een lichte marmersoort zie je dat binnen een kwartier terug. Een impregneermiddel helpt en moet ongeveer één keer per jaar opnieuw. Onderzetters zijn bij dit materiaal geen overdreven netheid.
Kleur maakt daarbij veel uit. Een donker blad zoals het Wonder Katni marmer van de salontafel Menton, met een grote tafel van 90 cm doorsnede en 38 cm hoog, vergeeft vlekken en aders veel meer dan wit marmer, dat elke kring vasthoudt. Bij een licht blad als het Morchana marmer van de salontafel Mayfield van 90 cm en 42 cm hoog is de tekening subtieler en het risico groter.
Travertin is een aparte categorie. De steen heeft zichtbare openingen in het oppervlak, soms opgevuld en soms niet, en dat maakt hem warmer van uitstraling en gevoeliger voor kruimels. De salontafel Chainey met travertine blad van 110 cm doorsnede en 35 cm hoog laat goed zien wat die structuur met licht doet: bij strijklicht krijgt het blad reliëf dat marmer nooit heeft.
In een kleine kamer weegt steen ook visueel zwaar. Een massief blad van 110 cm sluit het midden van de kamer af, en dat is prima in een ruimte van 30 m² en te veel in een kamer van 18 m².
Hout
Hout is het meest vergevingsgezinde materiaal en tegelijk het minst voorspelbare. Een kras in een houten blad wordt na twee jaar onderdeel van het meubel; dezelfde kras in hoogglans lak blijft een beschadiging.
Massief hout werkt met de luchtvochtigheid mee. Bij ongeveer 40 tot 60 procent relatieve vochtigheid blijft een blad stabiel; onder de 35 procent, wat in een huis met vloerverwarming in februari zomaar gebeurt, kan hout krimpen en kunnen er haarscheuren ontstaan. Een tafel niet pal naast een radiator zetten scheelt daarin meer dan welk onderhoudsmiddel ook.
De afwerking bepaalt hoe je hem onderhoudt. Een geoliede tafel kun je plaatselijk bijwerken: schuren met korrel 240, opnieuw oliën, klaar. Een gelakt blad moet in zijn geheel behandeld worden zodra de laag beschadigd is. Meer over dat onderscheid staat in het overzicht over meubels onderhouden per materiaal.
Voor het optische gewicht telt vooral de dikte van het blad. De salontafel Sherman van mangohout, 140 cm breed en 34 cm hoog heeft een organisch gevormd blad op een massieve sokkelvoet en oogt daardoor stevig, terwijl een even brede tafel met een dun blad op vier smalle poten lichter leest. Bij hout is de vorm van het onderstel dus net zo bepalend als de houtsoort.
Warme kringen zijn het meest voorkomende ongelukje. Een kop thee die twintig minuten op een geolied blad staat, laat een lichte ring achter; dezelfde kop op keramiek doet niets.
Glas
Glas is het enige materiaal dat visueel bijna niets weegt. Je kijkt eronder door, de vloer loopt door en de tafel neemt optisch nauwelijks plaats in. In een kamer waar de zithoek al vol staat, wint glas het daarom van elk ander blad. Dat effect is ook precies zijn nadeel: alles wat onder de tafel ligt, hoort er ineens bij. Een opgekruld hoekje van het vloerkleed of een verlengsnoer wordt onderdeel van het beeld.
Rookglas ligt daar tussenin. Het blad van de salontafel Hayden, ovaal, 127,5 cm diep en 42 cm hoog op bronskleurige aluminium poten laat het onderstel zien en dempt tegelijk wat eronder gebeurt. Vingerafdrukken vallen op getint glas minder op dan op helder glas, al verdwijnen ze er niet mee. Hoe je zo'n blad streeploos krijgt staat in het stuk over rookglas en hoogglans.
Onderschat het gewicht van glas trouwens niet. Een blad van 10 mm dik en 120 bij 70 cm weegt rond de twintig kilo, en dat zit bij een losliggend blad in één plaat die je met twee mensen recht moet houden. Verplaats zo'n tafel altijd door eerst het blad eraf te nemen; schuiven met het blad erop zet kracht op de bevestigingspunten.
Praktisch: kies gehard glas, want dat is bij de meeste salontafels standaard en het breekt in stompe korrels in plaats van in scherven. Let daarnaast op de rand. Een geslepen, licht afgeronde rand is prettiger in een huis met kleine kinderen dan een scherpe facetrand op scheenhoogte.
Ronde modellen zoals de Hayden van 89,5 cm doorsnede en 41,5 cm hoog werken goed in een krappe zithoek, omdat er geen hoek is waar je je aan stoot. Meer over de opstelling in een kleine kamer staat in een kleine woonkamer inrichten.
Metaal en keramiek
Metaal komt bij salontafels bijna altijd terug als onderstel of frame, zelden als blad. Een open ijzeren frame draagt veel en neemt weinig ruimte in, en de kleur bepaalt het optische gewicht: zwart metaal tekent scherpe lijnen in de kamer, messing en brons vloeien eerder samen met warme tinten. Geborsteld metaal houdt vingerafdrukken beter verborgen dan gepolijst.
Keramiek is de nieuwkomer in dit rijtje en is qua onderhoud het makkelijkst van allemaal. Het materiaal is dicht gebakken, dus niet poreus, en daardoor bestand tegen wijn, olie en hitte. De salontafel Claridge van 90 bij 90 en 31 cm hoog combineert een goudkleurig ijzeren frame met een keramisch blad, en die 31 cm maakt hem laag genoeg voor een loungeopstelling met een diepe bank.
Keramiek kan er bovendien uitzien als steen zonder de nadelen ervan. Het blad van de salontafel Langford van 140 cm breed en 32 cm hoog heeft een travertine-look op een onderstel van eiken fineer: de warme steentekening blijft, de poreuze structuur niet. De zwakke plek zit in de randen, want een harde klap met een zwaar object kan een schilfer uit de rand slaan, en dat laat zich niet bijwerken zoals hout.
Wil je één materiaal aanhouden voor tafel en bijzettafel, of juist twee combineren, dan is dat een keuze op zich. Twee tafels in hetzelfde materiaal maken een set, twee verschillende materialen maken een compositie; in het overzicht van de bijzettafels zie je meteen welke bladen zich daarvoor lenen. En wat er vervolgens op die tafel komt te staan, staat in het artikel over een salontafel stylen die ook gebruikt wordt.
Bekijk alle salontafels
Bekijk de collectie





