Drie punten, drie hoogtes
Rond de 110 cm, rond de 150 cm en onder de 60 cm: dat zijn de hoogtes waarop het licht in een slaapkamer verdeeld hoort te zijn. In de meeste slaapkamers zit alles op één hoogte, namelijk aan het plafond op 250 cm, en dat is precies het probleem.
Licht van boven valt recht op je gezicht zodra je gaat liggen, en het maakt geen schaduw, waardoor de kamer plat oogt. Drie lagere punten doen het omgekeerde: ze geven de kamer diepte en laten je kiezen hoeveel licht je aan hebt.
De drie punten hoeven niet allemaal een lamp te zijn. Een kaars in een windlicht telt mee, en een verlichte kastplank ook.
Leeslicht: de onderkant van de kap tussen 105 en 115 cm
Een matras ligt meestal op 50 tot 60 cm boven de vloer. Zit je rechtop in bed, dan komt je oog op ongeveer 110 tot 120 cm. Daar hoort de onderkant van de lampenkap net onder te blijven, zodat je de kap ziet en niet het peertje.
Reken vanaf het nachtkastje terug. Een kastje van 50 cm plus een lamp van 32 cm brengt de fitting op 82 cm, en dat is te laag om bij te lezen. De tafellamp Peyton met eiken bovenkant en marmeren voet van 32 cm hoort dus op een hoger kastje, of hij doet dienst als sfeerpunt naast een tweede lamp. Op een nachtkastje van 65 cm heb je voor leeslicht een lamp van ongeveer 45 tot 55 cm nodig.
De wandlamp naast het bed: 60 cm boven de matras
Staat er geen ruimte voor een lamp op het kastje, of wil je het blad vrijhouden voor een boek en een glas water, dan gaat het licht de muur op. Hang het midden van de wandlamp 60 tot 70 cm boven de bovenkant van het matras, en 25 tot 30 cm uit de zijkant van het bed.
Diepte is daarbij de maat die telt. De wandlamp Lycke met twee albasten cilinders is 59,5 cm hoog maar steekt slechts 11 cm uit, dus je stoot er niet tegenaan als je rechtop gaat zitten. Alles boven de 20 cm uitsteek wordt naast een bed lastig. De volledige uitleg over wandlamphoogtes staat in dit stuk over de wandlamp.
Het tweede punt staat in de hoek, van het bed af
Het tweede lichtpunt hoort zo ver mogelijk van het bed, diagonaal aan de overkant. Daar doet het wat een bedlamp niet kan: het maakt de kamer 's avonds bewoond zonder dat je in de bundel ligt.
Een staande lamp van rond de 135 cm werkt daar goed, omdat het licht op zithoogte de wand raakt in plaats van het plafond. De vloerlamp Hasden van 135 cm in mocha mousse, opgebouwd uit vijf gestapelde bollen met een koepelvormige kap, is zo'n model. Richt de opening van de kap naar de muur en niet naar het bed. Meer over de plek van zo'n lamp staat in het artikel over de vloerlamp in de hoek.
Licht bij de kast en de spiegel
Aankleden gebeurt op de slechtste plek van de kamer: pal onder de plafondlamp, met je eigen schaduw over je kleding. Twee lichtbronnen naast elkaar lossen dat op.
Hang ze aan weerszijden van de spiegel, met het midden op ongeveer 160 tot 170 cm, oftewel ooghoogte voor een staand persoon. Licht dat van twee kanten komt vult de schaduw onder je kin en langs je zij op. Eén lamp boven de spiegel doet juist het omgekeerde en geeft precies de schaduwen waar hotelbadkamers om bekend staan.
Wat je om drie uur 's nachts nodig hebt
De helderheid die je overdag prettig vindt, is midden in de nacht een klap in je gezicht. Voor het pad naar de deur of de badkamer is 10 tot 20 lumen genoeg, ongeveer de hoeveelheid van één kaars.
Houd dat lichtpunt laag, onder de 40 cm, zodat het de vloer verlicht en niet je ogen. Kies een warme, bijna oranje tint, dus 2200 kelvin of lager: hoe minder blauw er in het licht zit, hoe minder je lichaam denkt dat het ochtend is. Een lampje met bewegingssensor in het stopcontact bij de deur kost weinig en werkt beter dan de schakelaar zoeken.
Dimbaar telt in de slaapkamer zwaarder dan waar ook
In een woonkamer is dimmen prettig. In een slaapkamer bepaalt het of de kamer om elf uur nog klopt, want dezelfde lamp moet om acht uur helpen lezen en om half twaalf alleen nog sfeer maken.
Let bij de aankoop op drie dingen. De lamp moet dimbaar zijn, de dimmer moet bij het type LED passen, en de lamp moet naar ongeveer 10 procent kunnen zakken zonder te flikkeren. Dim-to-warm lampen gaan bovendien van 2700 kelvin naar ongeveer 2200 als je ze lager draait, wat het effect van kaarslicht nabootst. Een niet-dimbare LED in een dimbare armatuur gaat zoemen of knipperen en dat gaat er nooit meer uit.
Schakelaars die je liggend haalt
Een goed verlichtingsplan valt in de praktijk om op één punt: opstaan om de lamp uit te doen.
Zorg dat elk punt naast het bed vanuit bed te bedienen is, met een schakelaar in het snoer, een slimme stekker of een lamp met een tastschakelaar op de voet. Het tweede en derde punt mogen aan een schakelaar bij de deur zitten. De plafondlamp krijgt zijn eigen schakelaar en gaat alleen aan om op te ruimen of iets te zoeken; over het verschil tussen een plafondlamp en een hanglamp en de rol van de 250 cm-grens is elders meer te lezen. Wat verder helpt: kies voor alle lampen in de kamer dezelfde kleurtemperatuur van 2700 kelvin, want een koele lamp tussen warme lampen valt in een slaapkamer harder op dan in welke andere kamer ook. Voor de rest van de kamer, van textiel tot kleurgebruik, staat er een apart stuk over een slaapkamer rustig inrichten, en de losse lampen zelf staan bij verlichting.
Bekijk alle tafellampen
Bekijk de collectie





