Hoeveel licht is genoeg om thuis te werken
Voor een kantoorwerkplek wordt gerekend met ongeveer 500 lux op het blad. Een gemiddelde woonkamer 's avonds zit rond 100 tot 150 lux, en dat is precies het verschil dat je merkt zodra je om vier uur in november nog een uur wilt doorwerken.
Praktisch vertaald: een lamp met 800 tot 1000 lumen die op 40 tot 50 cm van je toetsenbord staat, haalt dat ruimschoots. Voor lezen in een fauteuil is 400 tot 600 lumen genoeg, dus een leeslamp die je van de zithoek meesleept komt op een bureau te kort. Die maten staan uitgewerkt in leeslicht: hoeveel en waar.
Een meter heb je er niet voor nodig. Houd je hand vlak boven het toetsenbord en kijk naar de schaduw. Is de rand van die schaduw scherp en donker, dan komt bijna al het licht uit één punt en werk je in een lichtkegel. Loopt de rand zacht uit, dan komt er licht van meerdere kanten binnen en dat is wat je wilt.
De tweede test kost nog minder tijd: kijk naar het contrast tussen je scherm en de muur erachter. Verschilt dat sterk, dan stelt je oog zich bij elke blik omhoog opnieuw in. Bij een scherm dat drie keer zo helder is als de omgeving eromheen gaat dat de hele dag door, en dat is de vermoeidheid waar mensen 's avonds over klagen zonder te weten waar hij vandaan komt.
Waarom licht van opzij het wint van licht van boven
Boven je hoofd zit precies de verkeerde plek voor een lichtbron. Je hoofd en je schouders staan tussen de lamp en het blad, dus je schrijft in je eigen schaduw, en op een glanzend scherm zie je de lamp terug als een lichte vlek over de tekst heen.
Daglicht dat van opzij binnenkomt heeft dat probleem niet. Je scherm blijft leesbaar, je papier krijgt licht, en de zijkant van je gezicht wordt zacht aangelicht, wat op videobellen scheelt. De plaatsing van het bureau ten opzichte van het raam staat in een werkplek in de woonkamer; de korte versie is haaks op het raam.
Welke kant het licht op moet, hangt af van je schrijfhand. Rechtshandig betekent licht van links, anders schrijf je onder de schaduw van je eigen pols. Voor wie vooral typt maakt het minder uit, maar zodra er papier bij komt merk je het meteen.
's Avonds neemt een lamp die rol over, en dan gelden dezelfde twee eisen: naast het scherm en met een kap die het licht naar beneden stuurt. Een tafellamp Jara van 53 cm hoog met een gesloten koepelkap van 35 cm doorsnee doet dat: op een blad van 75 cm komt de onderrand van de kap onder je ooghoogte uit, dus je kijkt er nooit in. Een lamp van 79 cm op datzelfde blad steekt met de lichtbron ver boven je ogen uit en schijnt de hele avond in je gezicht.
Als het bureau niet kan draaien
In veel huizen is er één plek waar een bureau past en heb je dus geen keuze in de richting. Drie ingrepen redden zo'n opstelling.
Zit het raam achter je scherm, dan hang je er iets voor dat het licht spreidt in plaats van blokkeert. Een dunne vitrage of een lamel die je half kunt kantelen haalt de felheid eruit en houdt het daglicht binnen; welke oplossing wat doet staat in zonlicht sturen met gordijn, lamel of folie.
Zit het raam achter je rug, dan is de spiegeling op je scherm het probleem. Kantel het scherm 10 tot 20 graden naar voren en de reflectie verdwijnt naar het plafond in plaats van naar je ogen.
En als er op het blad geen ruimte is voor een lampvoet, verhuist het licht naar de muur. Een wandlamp Magly van 40 cm hoog die 12 cm uit de muur steekt kost geen enkele centimeter werkvlak. Hang hem op ongeveer 130 tot 140 cm boven de vloer en zo'n 40 cm naast de rand van het scherm; hij geeft een zachte gloed naar boven en beneden, dus reken hem als sfeerlicht en niet als het licht waarop je een contract leest. Bij smalle bladen is dat vaak de enige plek die overblijft, zeker bij een bureaudiepte van 60 cm.
's Avonds terugschakelen naar woonlicht
Om zes uur klapt de laptop dicht en blijft de hoek staan waar je acht uur aan hebt gezeten. Twee dingen bepalen of die hoek meedoet met de rest van de kamer of eruit springt als een verlicht kantooreiland.
Het eerste is kleurtemperatuur. Overdag werkt 4000 kelvin prettig: neutraal wit, helder, en het houdt je alert. Voor de avond is 2700 kelvin de waarde die bij de rest van de woonkamer past, en het verschil tussen die twee getallen is groter dan mensen verwachten. Wat kelvin precies doet staat in kleurtemperatuur en kelvin. Een lamp met twee standen lost het in één druk op; anders zet je de werklamp uit en een tweede lamp aan.
Dat tweede lichtpunt is het punt waar het meestal misgaat. Eén felle lamp op een verder donker blad geeft precies het beeld dat je 's avonds niet wilt zien vanaf de bank. Zet er een lichtbron van 200 tot 300 lumen tegenover, op twee tot drie meter afstand, en de hoek smelt terug in de kamer. Een vloerlamp Jamy van 139 cm met een geribde walnut kolom en een basis van 19,5 cm breed past daarvoor in de hoek achter het bureau; die smalle voet vraagt nauwelijks vloer, wat naast een bureaustoel meetelt.
Een dimmer op de werklamp is minder nuttig dan hij lijkt, omdat je onder de 500 lux weer slechter ziet wat je doet. Zet de dimmer liever op de lamp die de kamer doet, zodat je het blad helder houdt en de omgeving zachter maakt. Meer bij de tafellampen, waar de hoogtes per model onderling makkelijk 30 cm schelen.
Bekijk alle verlichting
Bekijk de collectie





